Jongeren met gedragsproblemen: hoe zorgprofessionals en ouders samen het verschil maken

Werk je met jongeren met gedragsproblemen, of heb je er één thuis? Dan weet je hoe uitdagend het soms kan zijn. Deze jongeren vragen om extra aandacht, begrip en een doordachte aanpak. Hun gedrag kan verschillende oorzaken hebben, zoals autisme, ADHD, trauma of een licht verstandelijke beperking (LVB). Voor zorgprofessionals én ouders is het belangrijk om niet alleen het gedrag te zien, maar vooral de behoefte achter het gedrag te begrijpen.

Wat zijn gedragsproblemen?

Bij gedragsproblemen vertoont een jongere vaak storend, agressief of juist teruggetrokken gedrag dat invloed heeft op zijn omgeving. Denk aan boosheid, grensoverschrijdend gedrag of moeite met regels. Dit gedrag is meestal een signaal van onderliggende spanning, onbegrip of een gebrek aan structuur. Door het gedrag te begrijpen in plaats van te veroordelen, ontstaat ruimte voor groei en verandering.

De rol van de zorgprofessional

Daarom is het belangrijk dat zorgprofessionals weten wat werkt. Zij spelen een cruciale rol bij het herkennen en begeleiden van jongeren met gedragsproblemen. Een veilige, voorspelbare omgeving is essentieel. Door duidelijk te communiceren, grenzen te stellen en positief gedrag te belonen, leert een jongere beter omgaan met emoties en situaties.

Een multidisciplinaire aanpak werkt hierbij het beste: samenwerking tussen jeugdzorg, onderwijs, ouders en gedragsdeskundigen zorgt voor een eenduidige lijn in begeleiding en behandeling. Zo wordt de jongere op alle fronten gesteund en ontstaat er rust en overzicht.

Samenwerken met ouders en omgeving

Ouders kennen hun kind het best. Door goed samen te werken met het gezin ontstaat meer begrip en consistentie in de aanpak. Zorgprofessionals kunnen ouders helpen met praktische tips, zoals triggers herkennen, beloningssystemen gebruiken en omgaan met stressmomenten.

Ook de sociale omgeving speelt een rol. Denk aan school, sportclubs en vrienden. Een positieve omgeving helpt jongeren groeien, zich veilig te voelen en hun gedrag beter te reguleren.

Van probleem naar perspectief

Het doel is niet om probleemgedrag te ‘bestraffen’, maar om gedrag te begrijpen en te sturen. Met de juiste begeleiding, structuur en steun kunnen jongeren leren omgaan met hun emoties en sociale situaties. Zo bouwen ze stap voor stap aan zelfvertrouwen, veerkracht en zelfstandigheid.

Over Kristianne Waridjan

Zorgprofessional bij Devinals Zorg

Vorig artikel Digitale zorg: hoe technologie het leven van cliënten makkelijker maakt
Volgend artikel De overgang van Wmo naar Wlz: wat betekent dit voor cliënten en zorgprofessionals?